Het vak

Typen

Van kijken naar voelen. Typie oefent met je kind: blind typen. 8 minuten per keer, 3 keer op een dag, en dan gaat het op slot tot morgen. Geen meerkeuze, geen advertenties, en bij elke fout de uitleg.

12 treden23 blokken130 feiten

Typie

Uit de app zelf

Niet alleen wát, ook hóé

Bij elke som, elk woord en elke plek hoort één manier om hem te doen. Die komt langs vóór de sessie, tijdens de vraag als je vastloopt, en nog een keer na een fout. Dit zijn er vier, letterlijk zoals je kind ze krijgt.

blind typen

Zoek de bultjes

f en j — de bultjes

De f doe je met je linkerwijsvinger, de j met je rechterwijsvinger.

Zo doe je het

  1. Leg je linkerwijsvinger op de f en je rechterwijsvinger op de j.
  2. Voel de twee bultjes: die vind je zonder te kijken.
  3. Druk met je duim op de spatie.
  4. Ga na elke toets terug naar het bultje.

Typen

Wat erin zit

Elk domein, elk onderdeel en elke trede, rechtstreeks uit het bestand waar de app zijn vragen uit haalt. Een korte starttoets zet je kind op de goede hoogte. 12 treden · 23 blokken · 130 feiten.

De letters

De thuisrij

  1. 1De bultjesf, j en de spatie, en daarna d en k. Waar je handen liggen.
    • f en j — de bultjes
    • d en k — naast het bultje
    Vanaf groep 3 · 5
  2. 2De hele thuisrijAlle acht de toetsen waar je vingers op rusten, plus g en h.
    • f en j — de bultjes
    • d en k — naast het bultje
    • s en l — je ringvingers
    • a en ; — je pinken
    • g en h — naar binnen reiken
    • De thuisrij door elkaar
    · 23
De letters

De bovenrij

  1. 1Naar boven reikene, i, r, u, t en y — één rij omhoog en telkens weer terug.
    • e en i — één rij omhoog
    • r en u — boven het bultje
    • t en y — de verste reik
    · 6
  2. 2De hele bovenrijMet w, o, q en p erbij ken je de tien toetsen van de bovenrij.
    • e en i — één rij omhoog
    • r en u — boven het bultje
    • t en y — de verste reik
    • w en o — ringvingers omhoog
    • q en p — de hoeken bovenin
    • Thuisrij en bovenrij door elkaar
    · 22
De letters

De onderrij

  1. 1Naar beneden reikenv, m, b en n — de vier onderste toetsen van je wijsvingers.
    • v en m — één rij omlaag
    • b en n — naar binnen en omlaag
    · 4
  2. 2De hele onderrijMet c, x en z erbij ken je alle zesentwintig letters.
    • v en m — één rij omlaag
    • b en n — naar binnen en omlaag
    • c en , — middelvingers omlaag
    • x en . — ringvingers omlaag
    • z en / — de hoeken onderin
    • Alle letters door elkaar
    · 22
Meer dan letters

Hoofdletters

  1. 1Shift met je andere handEen hoofdletter maken zonder je handen van de thuisrij te halen.
    • Hoofdletters
    · 8
Meer dan letters

Leestekens

  1. 1Vraagteken en apostrofDe tekens waar je pink voor naar buiten reikt.
    • Leestekens
    · 3
Meer dan letters

Cijfers

  1. 1De cijferrijTwee rijen omhoog, elke vinger in zijn eigen kolom.
    • De cijferrij
    · 10
Vloeiend typen

Woorden

  1. 1Langere woordenHele woorden in één beweging, niet meer letter voor letter.
    • Langere woorden
    · 26
Vloeiend typen

Zinnen

  1. 1Zinnen typenDoortypen over de spatie heen, met hoofdletter en punt.
    • Zinnen typen
    · 16

Alles

  1. 1Blind typenAlles door elkaar: letters, tekens, cijfers, woorden en zinnen.
    • f en j — de bultjes
    • d en k — naast het bultje
    • s en l — je ringvingers
    • a en ; — je pinken
    • g en h — naar binnen reiken
    • De thuisrij door elkaar
    • e en i — één rij omhoog
    • r en u — boven het bultje
    • t en y — de verste reik
    • w en o — ringvingers omhoog
    • q en p — de hoeken bovenin
    • Thuisrij en bovenrij door elkaar
    • +11
    · 130

Beginnen kan meteen

Kies een vak, maak een account voor jezelf en zet je kind erin. Daarna is het aan hem. Bij elkaar twee minuten, zonder installatie en zonder betaalgegevens.