Voor ouders

Zo min mogelijk van de dag

Grammie traint met je kind: taal. De app is gebouwd om zo weinig mogelijk tijd van je kind te vragen, en dat is geen bescheidenheid — het is wat werkt.

De limiet

Het stopt uit zichzelf

Een sessie duurt 8 minuten en houdt daarna op. Niet een vast aantal sommen: een rijtje van vijftien kun je afraffelen, 8 minuten niet, want sneller antwoorden maakt het niet eerder klaar. Er staat dan ook geen klok op het scherm, alleen een balk die volloopt.

Er passen 3 sessies in een dag, met minstens 90 minuten ertussen. Daarna gaat de app op slot tot de volgende dag. Meer oefenen op één dag levert aantoonbaar niets extra op; verspreid oefenen wel.

De methode

Je kind produceert het antwoord

Er is nergens meerkeuze. Je kind typt het woord, tikt het getal op een keypad of wijst de provincie aan op een blinde kaart. Herkennen is iets anders dan onthouden, en alleen het tweede blijft zitten.

Een fout stopt de sessie. Het scherm wordt rood, het goede antwoord komt in beeld mét de uitleg waaróm, en de knop om verder te gaan doet even niets, zodat je kind het leest in plaats van doorklikt. Die vraag komt in dezelfde sessie terug.

Blijft je kind hangen, dan komt de tussenstap in beeld: bij 15 − 7 de eerste sprong op de getallenlijn — eerst 5 eraf tot de tien — en nooit het antwoord. Wie erom vraagt houdt zijn goede antwoord, maar het feit telt niet als “weet het direct”.

Het geheugen

Wat de app onthoudt

Bij de start doet je kind een korte toets die zichzelf bijstelt: 5 vragen over de breedte van het gekozen leerpad, en daarna vragen die meebewegen met hoe het gaat — hoogstens 15 in totaal. Daaruit weet de app waar te beginnen. Daarna houdt hij per feit bij hoe vaak het goed ging en hoe snel, en wordt elke sessie opnieuw samengesteld: 10 van de 15 vragen zijn dingen die al lukken, 5 zijn dingen die nog niet lukken. Genoeg houvast om door te gaan, genoeg weerstand om iets te leren.

In je account zie je dat terug per som, regel of gebied: wat is geautomatiseerd, wat gaat goed maar traag, en waar zit de moeite. Waaróm het zo werkt — en welk onderzoek eronder ligt — staat in de theorie; wát er geoefend wordt staat in de leerlijnen.

De grenzen

Wat het niet doet

  • Geen advertenties, en niets te kopen in de app.
  • Geen chat, geen andere kinderen, geen ranglijst.
  • Geen account voor je kind. De voortgang staat op het apparaat zelf, en reist alleen mee naar een ander apparaat als je zelf inlogt.
  • Geen foto van je kind. Een kind kiest een getekend figuurtje; er wordt geen beeld van een kind opgeslagen of verstuurd.
  • Geen melding die je kind terugroept. Naar het kind gaat er nooit iets uit zichzelf — een herinnering kun je hoogstens voor jezelf aanzetten.
  • Geen beloning voor het verzorgen van het diertje — zodra dat wél zo is, wordt het een klusje met loon.

Het enige getal

Opdagen, niet presteren

Het enige dat je kind over zichzelf te zien krijgt, is hoeveel dagen op rij ze er waren. Niet hoeveel ze goed hadden, niet hoe snel, en niet hoe ze het doen ten opzichte van iemand anders. Opdagen is het enige wat beloond wordt; de rest is aan de app.

Die reeks is wat terugbrengt. Elke dag op rij telt door, en de langste blijft als record staan, ook na een gemiste dag: een gebroken reeks kost de run, niet de herinnering eraan.

Het ritme

Twee vaste momenten

Een gewoonte heeft een tijd nodig. Daarom kun je in je account twee vaste momenten instellen — standaard rond half acht en half zes — en er een herinnering aan koppelen. Die herinnering is voor jou, op dit apparaat, en komt niet op een dag dat er al geoefend is. Ze staat uit tot je haar zelf aanzet, en naar het kind gaat er nooit iets: geen mascotte die belt, geen scherm dat om aandacht vraagt.

Zelf zien hoe het werkt?

De eerste week is gratis. Je maakt eerst een account — dat is van de ouder en draagt de voortgang van je kind.

Open Taal