-ig of -lijk?

Je leert kiezen tussen -ig en -lijk aan het eind van een woord.

Zo schrijf je het

  1. Onthoud: aan het eind klinken -⁠ig en -⁠lijk allebei dof.
  2. Vraag: betekent het woord op de manier van? Dan is het vaak -⁠lijk, zoals vriendelijk.
  3. Weet je het niet? Leer het woordbeeld: grappig, eerlijk.
Zo is het woord gebouwd
woord of stamachtervoegseltussenletter

Een voorbeeld, uitgewerkt

De buurman groette ons heel ___. (dof aan het eind)

  1. Je hoort een dof stukje aan het eind.
  2. Stel de vraag: betekent het op de manier van een vriend? Ja.
  3. Dan is het -⁠lijk, met ij: vriendelijk.
Nog meer voorbeelden

Die film was echt ___. (dof aan het eind)

  1. Vraag: betekent het op de manier van iets? Nee.
  2. Onthoud het woordbeeld met -⁠ig: grappig.

Pas op, dat is ___! (dof aan het eind)

  1. Vraag: betekent het op de manier van gevaar? Ja.
  2. Dan is het -⁠lijk: gevaarlijk.

Zelf proberen

  1. dof aan het eind: -ig of -lijk?

    Elke zaterdagochtend brengt de postbode het nieuwsblad zijn vaste en ___ bezorgronde.

  2. dof aan het eind: -ig of -lijk?

    De bibliothecaresse zette alle ingeleverde netjes op alfabetische in een en ___ gelid.

Oefen dit

Let op

  • Je schrijft -lijk met ei, zoals vriendeleik.

    De staart is altijd -lijk, met ij. Je hoort hem dof, maar zo schrijf je hem.

Tips

  • De staart -lijk schrijf je altijd met ij, nooit met ei.
  • Maak een rijtje met -ig: grappig, gezellig, giftig.

Waarom het werkt

Aan het eind klinken -ig en -lijk allebei dof, en je hoort het verschil niet. Eén vraag helpt vaak: betekent het woord op de manier van iets? Dan is het -lijk. Voor de rest leer je het woordbeeld.