Meervoud met trema: -ieën of -eeën
Je leert meervoud met een trema schrijven op -ieën, -iën en -eeën.
Zo schrijf je het
- Klemtoon op de ie geeft -eën (knie → knieën).
- Klemtoon vóór de ie geeft -iën (bacterie → bacteriën).
- Woorden op -ee krijgen -ën (idee → ideeën).
Twee klinkers botsen: in één woord een trema, tussen twee woorden een streepje.
Een voorbeeld, uitgewerkt
Na de val had het kind schrammen op beide ___. (knieën)
- Het enkelvoud is knie.
- De klemtoon valt op de ie: kníé.
- Dan schrijf je -ën achter knie, met het trema op de e van -en.
- Je schrijft knieën.
Nog meer voorbeelden
Onder de microscoop bekeek de bioloog duizenden kleine ___. (bacteriën)
- Het enkelvoud is bacterie.
- De klemtoon ligt op ter: bactérie.
- Dan schrijf je -ën op de e: bacteriën.
Tijdens de brainstormsessie bedachten we talloze creatieve ___. (ideeën)
- Het enkelvoud is idee (eindigt op ee).
- Plak er -ën achter met een trema: ideeën.
Zelf proberen
meervoud met trema op -ieën
In de havenstad vestigden zich in de vorige zware metaalbedrijven, chemische en grootschalige ___.
meervoud met trema op -ieën
In de zeventiende en stichtten Europese mogendheden overzeese handelsnederzettingen en overzeese ___.
Let op
Je schrijft -iën waar -eën moet, zoals kniën in plaats van knieën.
Luister naar de klemtoon: klemtoon op ie krijgt -eën, klemtoon ervoor krijgt -iën.
Tips
- Zeg het enkelvoud hardop en overdrijf de klemtoon: kníé krijgt -eën, kolónie krijgt -iën.
Waarom het werkt
Bij meervouden op -ie bepaalt de klemtoon hoe je het schrijft. Ligt de klemtoon op de ie, dan schrijf je -eën, met het trema op de e van -en (knieën). Ligt de klemtoon ervoor, dan schrijf je -iën (bacteriën). Woorden op -ee krijgen -ën (ideeën).